, , ,

REVIEW: Green Day – ¡Uno!

greenday1uno

Ach ja, je kent ze wel; bands die er zeven jaar over doen om een album te maken, al jaren hun fans laten wachten, wanneer hij bijna uitkomt er nog een maandje of twee aan vast plakken, en dan wanneer het moment daar is, blijkt iedereen het album ruk te vinden en zijn er zeven jaar verspilt aan iets wat het daglicht niet had mogen zien. Dat zou zo eens de gedachte kunnen zijn die de mannen Green Day in hun hoofd hadden toen ze besloten om binnen een half jaar maarliefst drie albums door de strotten van hun fans te douwen. En dan geen lullige EP’tjes, maar volle albums, verzorgt en al, onder de namen ¡Uno!, ¡Dos! en ¡Tré!.

Green Day heeft zeker niet stil gezeten in de tijd tussen voorganger 21st Century Breakdown en ¡Uno!. In de tussentijd stonden een Broadway musical (American Idiot) en een live dvd (Awesome As F*ck) op het programma. Je zou je afvragen of ze geen dubbelgangers hebben om ook nog eens drie albums te maken. Maargoed, ze hebben het geflikt en het is dus hoog tijd om het voorgerecht van het muzikale driegangenmenu te gaan proeven.

Openingstrack (en tevens single van het album) Nucleair Family is het enige nummer op het album waar ik mijn vraagtekens bij heb. 21st Century Breakdown stond vooral in het teken van kritiek op presidenten, regeringen en een lovestory die zich daartussen afspeelde. ¡Uno! heeft in principe niets politieks in zich, dus is een track met als titel Nucleair Family een vreemde eend in de bijt op een album waar, ja, je leest het goed, de liefde centraal staat. De heren bezingen jeugdliefdes alsof ze nooit iets anders hebben gedaan. Alle puberale onzekerheden komen aan bod, van wanhopig verliefd zijn tot een hekel hebben aan house en DJ’s (het weinig verhullende Kill The DJ zal veel discohaters aanspreken!). Dit is een interassente wending, maar ook een beetje onwennig, we willen ook een potje kunnen relschoppen op deze muziek!

Geen nood, het mag dan grootendeels om de liefde draaien op dit album, de liefde voor punk is duidelijk hoorbaar en het nummer Let Yourself Go zal dan ook garant staan voor moshpits en bloedneuzen. Precies zoals we gewend zijn.

Het album heeft van alles wat, dus minder ruige types kunnen hier ook wel mee op weg. De switch van politieke critici naar onzeker en verliefde pubers heeft ze tot nu toe dus nog geen windeieren gelegd. Dit aperetiefje smaakt naar een volwaardig hoofdgerecht en legt de lat al op een lekkere hoogte voor de twee komende albums. Bon apetit!

Luister van ¡Uno!:

  • Carpe Diem
  • Let Yourself Go
  • Kill The DJ
  • Sweet 16
, , ,

REVIEW: Mumford & Sons – Babel

packshot2

Toch bizar eigenlijk. In een tijd waar de DJ’s en autotune de boventoon in muziekland voeren, staat de Londense folkband Mumford & Sons nog stevig in haar schoenen. Sinds de debuutplaat Sigh No More is hun populariteit alleen nog maar gestegen, dus kon een vervolg op het meesterwerk niet uitblijven.

Maar gezien het succes van Sigh No More viel al snel de term “moeilijke tweede”, iets wat gebeurt wanneer een artiest zou zich te veel druk opleggen om een tweede album net zo succesvol te maken als de eerste. Gelukkig bleef het bij Babel alleen bij speculaties. De band heeft een nuchtere uitstraling en gedraagt zich er ook naar. “Wij doen gewoon waar we zin in hebben” verklaarde Marcus Mumford (leadzanger) tegenover muziekblad NME. En één van die dingen waar ze ‘zin in hadden’, was om het album ietsjes meer elektrisch te maken. Af en toe zijn er elektrische gitaren te horen en zijn de nummers net effe wat harder. Maar geheel in Mumford & Sons-sfeer, want het album is van begin tot eind genieten.

De eerste single van het album, I Will Wait, klinkt heerlijk en heeft al minstens het gehalte van Little Lion Man, één van de beste nummers van Sigh No More. Waar we toen heerlijk het refrein mee konden schelden, kun je hier geweldig meespringen op het uptempo refrein, wat er werkelijk uitknalt. Wat dat meespringen betreft, op Babel staan genoeg nummers om hele festivalcrowds in beweging te krijgen, of juist niet, want bij een nummer als Holland Road zie ik de zippo’s en handen al massaal de lucht ingaan.

Babel is te zien als een logisch vervolg op Sigh No More, maar met genoeg creativiteit om het album als apart te zien. De verwachtingen waren hoog, en ik denk dat elke fan zich in z’n handjes mag knijpen bij dit album. Alle herkenbare elementen zijn er weer bij, van de herkenbare stem van Mumford tot de mandolines. Dit album brengt energie en rust in één, en doet dat geweldig. En hopelijk is dat voldoende om de organisatie van Pinkpop volgend jaar weer te overtuigen!

Luister van Babel:

  • I Will Wait
  • Holland Road
  • Broken Crown
  • Below My Feet